PDA

Vollständige Version anzeigen : Hoe de Multikul is ontstaan


hirihiri123
29 maart 2007, 21:48
De bron in Nederland van waaruit de 'multikul-cult' immigratie-lobby haar doctrines injecteerden ;
Het tijdstip waarop dit plaatsvond .........
Een instrument/instantie die zij hiervoor gebruikten .........

(Meer over 'De Multikul-Cult' , een definitie ervan en een definitie van activiteiten in Deel-2)

Kortom, ontdek wanneer en hoe vermeende volksvertegenwoordigers in de vorm van politieke partijen het belang van het volk juist niet behartigden door zichzelf te hebben laten injecteren door een volks-schadelijke doctrine afkomstig van de multikul-cult.

De bron in het verleden , veroorzaker van het huidige nationale multikul 'klimaat' :

Het tijdstip : 1979
Het instrument : Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) , officieel bekend als 'De Raad' [#1]


1979:
De Raad (WRR) beval de regering aan ; de gedachte van tijdelijk verblijf van migranten op te geven en een samenhangend , geïntensiveerd beleid te ontwikkelen gericht op gelijkwaardige deelname van minderheden aan de Nederlandse samenleving.

1989:
De WRR raadde de regering aan het beleid vanuit een nieuwe invalshoek te bezien , namelijk door te erkennen dat Nederland defacto een immigratieland was geworden.


Een raad op zich is slechts een naam, een instantie, het gaat om de poppetjes in de raad.
Wie was het belangrijkste "poppetje" in deze "raad" met betrekking tot bovenstaande "adviezen" ?


Multikul-Cultist R. Penninx en WRR Rapport 17 (1979)

De eerste gebeurtenis, die van 1979, is in Nederland de gebeurtenis geweest van waaruit het huidige multikul 'klimaat' is ontsproten. De aanbevelingen van 'De Raad' aan de regering staan in het WRR Rapport 17. Onderdelen van dit rapport zijn oa. gemaakt door een lid en volger van wat wij de Multikul-Cult noemen [#2].
Deze persoon noemt zichzelf Rinus Penninx (meer hierover later in Deel 4 , waarin verbanden zullen worden getoond met leden en volgers van de Multikul-Cult en enkele van hun instanties vandaag de dag.)

Het huidige multikul-klimaat is het resultaat van de promotie in vorm van beleidsadvies aan de regering, die het daarna overnam. Daar er al leden van de Multikul-Cult , en volgers geinjecteerd met hetzelfde gedachtengoed (het product van de Multikul-Cult) genesteld waren in de regerings partijen was de overname van het advies (van de Multikul-Cult leden in de WRR) een succes, bezien vanuit de ogen van de Multikul-Cult Immigratie-lobbie dan.
http://sif.matriots.com/tiuk/spc.gif
http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/r-penninx.jpg

Rinus Penninx
(ca. 2000-2002)

Het komt er in basis op neer dat , wanneer je de twee bovenstaande gebeurtenissen goed in je opneemt , men ipv het behartigen van de belangen van de lokale bevolking , men precies het tegenovergestelde voorstelde in de adviezen afkomstig uit 'De Raad'. En doordat de toenmalige regering deze adviezen - in de vorm van rapporten opgesteld door leden van de Multikul-Cult binnen 'De Raad' - overnam , behartigde men de sinistere belangen van de Multikul-Cult. De oorspronkelijke bevolking werd op dat moment door de "volksvertegenwoordigers" niet om hun mening gevraagd , en ook niet ingelicht , waarmee zij zichzelf de-kwalificeren als volksvertegenwoordigers.

Het nationale zogenoemde "multiculturele" klimaat is dus veroorzaakt door twee 'ingredienten' :
(1) Indoctrinatie van de Multikul-Cult , via de WRR Raad in de vorm van een 'advies' aan de regering.
(2) Overname door de regerings partijen van de doctrine van de Multikul-Cult.
- Hierbij is (1) de oorzaak , want zonder (1) kon (2) niet plaatsvinden.

Wat 'De Raad' in hun adviezen voorstelden is niets minder dan het promoten van het 'importeren' van onoorspronkelijke bevolkingsgroepen in plaats van dat tegen te gaan.



Een greep uit de "adviezen" :
- "de gedachte van tijdelijk verblijf van migranten op te geven".
- "geïntensiveerd beleid te ontwikkelen gericht op gelijkwaardige deelname van minderheden (lees: 'geimporteerde' leden van bevolkingsgroepen van elders) aan de Nederlandse samenleving".

Effect van de overgenomen "adviezen":
Als bijeffect resulteerde dit elders in de wereld in een beeldvorming ; dat iedereen hier welkom is , waardoor de immigratie stroom logischerwijs op gang kwam , toenam , en bleef toenemen. Bijeffect daarvan is weer dat allerlei door de oorspronkelijke bevolking opgebouwde voorzieningen steeds meer onder druk kwamen te staan wegens overbelasting.
En dit alles op kosten van de bevolking zelf. (zo is de beloning/prijs die men betaalt)

Conclusie:
Wanneer de toenmalige regerings partijen de anti-volks doctrine van de Multikul-Cult , in de vorm van advies van 'De Raad' , hadden genegeerd en dus een beleid hadden ontwikkeld om immigratie niet te bevorderen dan was DIE beeldvorming de wereld in gegaan resulterend in het tegenovergestelde.


De regering liet zichzelf 'besmetten' met het zaadje van een anti-zelf-doctrine afkomstig uit het 'ideaal' van de Multikul-Cult (via 'De Raad'). Uit deze voedingsbodem groeide het 'multikul-klimaat' uit tot een voor het oorspronkelijk volk schadelijke 'gedachten-wolk' die diverse politieke partijen overnamen in hun beleid omdat ze mogelijk niet beschikten over een lang termijn inzicht ; in dat geval cijferde men zichzelf met open ogen maar onbewust weg wegens kortzichtigheid.

De oorspronkelijke bevolking werd aanvankelijk , ten tijde van het overnemen van de adviezen van 'De Raad' , niet ingelicht of om een instemming gevraagd. Pas later kan de bevolking zelf verweten worden geen krachtig tegengeluid te hebben laten horen of te organiseren , daar punten in de programma's van de diverse politieke partijen later al duidelijk een promotie van 'nationaal multicultuur/multi-ethniciteit' gedachtengoed lieten zien , maar dit is onjuist daar de regerende partijen eerder al verzaakte instemming te vragen van de toenmalige , voornamelijk oorspronkelijke , bevolking ten tijde van de overname van het 'advies' van 'De Raad'. Terwijl men wel beweerde dat we in een democratie leefden ; wat dus niet zo is wegens bovengenoemde reden.

Wordt verderop vervolgd ......... Deel 2 : 'De Multikul-Cult'

Voetnoten Deel 1

[#1] 'De Raad'
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR).
Officieel bekend als 'De Raad'. (zie artikel 1 hieronder)

WRR - Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR)
INTEGRALE TEKST (Stb. 413, 5 augustus 1976; laatstelijk gewijzigd bij de wet van 11 december 1997, Stb. 1998 nr.27) WET van 30 juni 1976 tot instelling van een Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (Instellingswet WRR)

Artikel 1
Er is een Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, verder te noemen de Raad. De Raad wordt niet aangemerkt als een adviescollege als bedoeld in de Kaderwet adviescolleges.

Alle overige artikelen te lezen op de internet stek van de WRR : http://www.wrr.nl/TEXT-NL/wet.html

[#2] Lid/Volger van de Multikul-Cult
Een lid/volger van de Multikul-Cult is dus een persoon die activiteiten ontplooit zoals omschreven in de definitie van de Multikul-Cult.
(zie deel 2 voor de definitie) [-# AD.1 | Activiteit Definitie 1 #-]
http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg
Deel 2 - "De Multikul-cult" (Immigratie Lobbie) http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg

"De Multikul-Cult" .........
Deze term gebruiken wij om een internationale verzameling personen , groepen personen en organisaties aan te duiden die zich bezig houden met activiteiten omschreven in onderstaande 'Activiteit Definitie AD1' :


-# AD.1 | Activiteit Definitie 1 #-
Het ervoor zorgdragen dat een bepaalde bevolkingsgroep in haar oorspronkelijke op natuurlijke wijze onstane leefgebied op Aarde het opnemen van delen bevolkingsgroepen uit een ander oorspronkelijk leefgebied gaat bevorderen ipv tegengaan. Voorbeelden van activiteiten in Nederland die aan deze definitie voldoen zullen later belicht worden.

Het betreft hier dus een 'cultuur' , een 'manier van denken en doen' , een 'Cult'. De individuen en/of organisaties die deze 'cultuur' begonnen zijn en/of aanhangen , dwz ; activiteiten ontplooien gedefineerd in bovenstaande 'AD.1 | Activiteit Definitie 1' ; brengen wij onder de gemeenschappelijke noemer 'Multikul-Cult' / Immigratie-lobbie.

Effecten voortvloeiend uit de activiteiten (AD.1) van de Multikul-Cult : Het ontstaan (voortvloeiend uit de creatie van een grondlegging) van een 'nationale multicultuur' ; een multi-ethnische multicultuur in 1 land/leefgebied van de oorspronkelijke bevolking , daarmee de natuurlijke kenmerken , cultuur en identiteit van de oorspronkelijke populatie in het oorspronkelijke leefgebied (in dit geval Nederland) niet bevorderen maar schaden. http://sif.matriots.com/tiuk/spc.gif

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/r-penninx2.jpg
R. Penninx, vierde van links.

Derde Internationale 'Metropolis' Conferentie,
in 1998 in Israel gehouden

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/r-penninx3.jpg
R. Penninx, helemaal rechts op de foto.

R. Penninx is dus de persoon betrokken bij het WRR Rapport 17 in 1979, zoals genoemd in Deel-1.
De Multikul-Cult is dus, bewust en/of onbewust, feitelijk een vijandige entiteit , een antikracht , van de oorspronkelijke populatie met betrekking tot haar oorspronkelijke leefomgeving, omdat dat de karakteristieken zijn van hun activiteiten.

Voor het promoten van hun bovengenoemde 'product' of doctrine (zie AD.1 | Activiteit Definitie 1 ), richtte en richt de Multikul-Cult diversen organisaties en instanties op in de doelgebieden , alsmede maakte en maakt men gebruik van de methode om leden en volgers van hun doctrine te installeren in bestaande organisaties en instanties om van daaruit invloed uit te oefenen op de lokale samenleving van de oorspronkelijke bevolking in het betreffende doelgebied met als doel een politiek 'klimaat' te scheppen gebasseerd op het doel van hun doctrine ; een multi-ethnische-multi-cultuur in 1 land waar dat van nature niet het geval was.

Activiteiten van de Multikul-Cult / Immigratie-Lobbie:
De Multikul-Cult ontplooit activiteiten die zijn gericht op het 'injecteren' van bepaald gedachtengoed (doctrine) in de oorspronkelijke bevolking - waaronder natuurlijk ook leden van politieke partijen - van hun doel natie.
Het resultaat van deze methode is wanneer de betreffende bevolking dit gedachtengoed (doctrine) overneemt ZELF meewerkt aan de bevordering van opname in hun eigen leefgebied van grote aantallen leden uit onoorspronkelijke bevolkingsgroepen, ofwel ; men zelf hun eigen zelfbewustzijn , identiteit en leefgebied opgeeft , door het accepteren ipv afwijzen van de doctrine van de Multikul-Cult.
In veel gevallen , niet allen , gebeurt dit overnemen van gedachtengoed relatief onbewust , wegens gebrek aan overzicht door kortzichtigheid. In andere gevallen is er sprake een soort 'angst' voor bepaalde lands-wetten, ook weer ingebracht dmv eerder genoemde methoden door leden en volgers van de Multikul-Cult.
In het laatste geval laat men zich psychologisch onder druk zetten om toch vooral geen tegengeluid te laten horen. Wanneer grote delen van een bevolkingsgroep ZICHZELF hieraan ten prooi LATEN vallen , verliest die groep op ten duur automatisch het bestaansrecht.
Dat is het effect. Het gevolg.
Het tegenovergestelde gaat ook op.

Wordt verderop vervolgd ......... Deel 3 : 'Nederlands beleid vóór manipulatie door de Multikul-Cult.'


http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg
Deel 3 - Nederlands beleid vóór manipulatie door de Multikul-Cult. http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg

Hier gaan we eerst een stapje terug in de tijd om vervolgens via beschrijfingen van 'gebeurtenissen' uit te komen bij de veroorzaker, de Multikul-Cult via 'De Raad', van het 'multikul klimaat' in Nederland :

1950
Omstreeks 1950 liet de Nederlandse overheid zich voor het eerst in met de opvang van immigranten, afkomstig uit het onafhankelijk geworden Indonesië. Het toenmalige opvangbeleid voor 'repatrianten' en Indische Nederlanders was gericht op individuele inpassing in de Nederlandse samenleving. Daarentegen was het beleid voor de Molukkers juist zoveel mogelijk erop gericht hen gesegregeerd te houden van de Nederlandse samenleving, met het oog op de verwachte terugkeer naar de door de Molukkers voorgestane vrije Republiek der Zuid-Molukken (Zie ook; Entzinger 1984).

1960 - begin jaren '60
Aan het begin van de jaren zestig nam, als gevolg van economische groei, de arbeidsmigratie toe vanuit Zuid-Europese landen, en later ook vanuit Marokko en Turkije. Aanvankelijk was dit vooral een zaak van het bedrijfsleven, dat arbeidskrachten aldaar wierf, terwijl particuliere organisaties zich om de sociale aspecten van de opvang bekommerden.

Noot : Hier is het 'fenomeen' zichtbaar die inhoud dat een lokale economie die in het leven geroepen was door, en ten gunste van , de lokale oorspronkelijke bevolking , door een deel van de bedrijfs- eigenaren/bestuurders uit een deel van het bedrijfsleven , te weten de grotere ondernemingen , ter eigen voordeel (omzet/winst) wordt gebruikt. Dit 'fenomeen' toont aan dat deze ondernemingen niet als doel hebben de lokale economie met als oorspronkelijk doel de 'voeding' van de lokale oorspronkelijke bevolking te dienen , maar in eerste plaats hun eigen doel van meer winst maken dienen , waarbij het hen niet uitmaakt wie er in die lokale economie werkzaam is. (blijkt uit de arbeidsimigratie activiteiten)
Een alternatief , die de belangen van EN de oorspronkelijke bevolking EN de betreffende ondernemingen zou dienen , zou zijn dat de betreffende ondernemingen 'filialen' in die gebieden op Aarde zouden openen van waaruit de 'gast arbeiders' kwamen ten tijde van de arbeidsmigratie. (in overleg en toestemming van de volksvertegenwoordig in dat betreffende gebied.)

1960 - eind jaren '60
Tegen het eind van de jaren zestig ging de overheid zich inlaten met de regulering van arbeidsmigratie en de opvang van buitenlandse werknemers. Beleid uitgangspunt was nog steeds "Nederland geen immigratieland".

1970
Begin jaren zeventig nam de immigratie vanuit Suriname toe , in verband met de naderende onafhankelijkheid van dit land in 1975. In eerste instantie werd geen opvang- of integratiebeleid ontwikkeld, vanuit de gedachte dat dit niet nodig was voor Nederlandse staatsburgers. In dezelfde periode begon de Nederlandse economie tekenen van stagnatie te vertonen en nam de werving van arbeidsmigranten snel af. Van de verwachte massale terugkeer van buitenlandse werknemers was geen sprake, terwijl de migratie uit de landen rond de Middellandse Zee doorging als gevolg van gezinshereniging. Desondanks wenste de overheid niet te tornen aan het uitgangspunt "Nederland geen immigratieland". In de tussentijd begonnen zich duidelijk tekenen van minderheidsvorming onderde betreffende groepen te manifesteren.

In reactie hierop ontwikkelde de regering vanaf de eerste helft van de jaren zeventig een zogenaamd 'tweesporenbeleid' voor buitenlandse werknemers.
Dit beleid was gericht op zowel integratie in de samenleving als op het open houden van de weg naar terugkeer en herintegratie in het land van herkomst, en wel middels welzijnsvoorzieningen en onderwijs gericht op behoud van de eigen taal en identiteit.

Ook leden van andere migrantengroepen bleken niet in grote getalen terug te keren naar het land van herkomst. Mede als gevolg van de treinkapingen en bezettingsacties van Molukkers in de tweede helft van de jaren zeventig werden de Nederlandse samenleving en de overheid zich bewust van de gevolgen van een ambivalente houding inzake immigranten (zie ook; Entzinger 1984).

*** KEERPUNT *** MET ALS OORZAAK "De Raad" ***
Van de oorspronkelijke regerings doctrine ; "Nederland geen immigratieland" , naar : de doctrine van de Multikul-Cult. 1978
In 1978, bij de behandeling van de regeringsnota over de Problematiek van de Molukse minderheid in Nederland werd in een motie - van het PvdA-Kamerlid Molleman - aangedrongen op een gecoördineerd beleid voor alle minderheidsgroepen. De minister van Binnenlandse Zaken zegde toe dit te laten onderzoeken en vroeg de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) om een advies.

Noot : Zie hier het 'fenomeen' waarbij PvdA'r Molleman, ook van de Multikul-Cult, een voorzetje geeft vanuit een stekje in de tweede kamer in een poging de regering te laten koersen richting advies van de WRR ......... waarna dus andere leden van de Multikul-Cult (oa. R.Penninx) via 'adviezen' in de vorm van een WRR rapport al na een paar maanden tijd een volgende impuls gaf :

In juni 1979 kwam de WRR al met het rapport Etnische minderheden , dat een belangrijke impuls gaf voor de kentering in het beleid en voor de vormgeving van het minderhedenbeleid.

Molleman (die van de 'voorzet' in 1978) is direct te relateren met het in 1985 opgerichte buro LBR (zie ook deel 4).

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/h-molleman.jpg
H.Molleman (PvdA)

http://sif.matriots.com/tiuk2/lbr.jpg


http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/e-v-thijn.jpg
E. van Thijn

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/g-wawoe.jpg
G.R. Wawoe Henk Molleman

-Lid van de Tweede Kamer voor de PvdA (1976-1979) (oprichting WRR:1976 / advies Molleman:1978)
-Directeur Coördinatie Minderhedenbeleid, Min. Van Biza (1979-1990)
-Ambassaderaad, Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging bij de Europese Unie (1990-1998)
-Adviseur Bestuurlijke vraagstukken en Minderhedenbeleid (2000 - heden)
Lopende neven activiteiten :
-Voorzitter Raad van Advies v/h Instituut voor Migratie en Etnische Studies v/d Un.A'dam
-Lid v.h. Bestuur van de 'Stichting Surinaams Regionaal Steunpunt' DenHaag
-Bestuurslid Vereniging voor Overheidsmanagement
-Lid van het Bestuur van het LBR (Landelijk Bureau ter Bestrijding van Rassendiscriminatie)

Ed van thijn
voorzitter adviesraad LBR
lid Raad voor Journalistiek
bijzonder (= geldelijk gesponsord) hoogleraar UV Amsterdam
van 1997-1998 bijzonder hoogleraar 'multiculturele samenleving' aan de UV Leiden.

G.R. (Gilbert) Wawoe
voorzitter LBR-bestuur
Juni 1979
De Raad (WRR) beval de regering aan ;
(A) de gedachte van tijdelijk verblijf van migranten op te geven en een samenhangend , geïntensiveerd beleid te ontwikkelen gericht op gelijkwaardige deelname van minderheden aan de Nederlandse samenleving.
(B) tevens diende de overheid, met het oog op het welslagen van het minderhedenbeleid, het restrictieve toelatingsbeleid te handhaven.

Noot. Merk op dat het in 'punt-b' genoemde 'restrictieve toelatingsbeleid handhaven' totaal tegenstrijdig is met het effect wat voortvloeit uit beleid volgens 'punt-a' (geïntensiveerd beleid) namelijk ; Het ontstaan van een algemene beeldvorming in het buitenland in de sfeer van "wie hierheen komt kan rekenen op onze vestigings steun in de vorm van intensief beleid". (daarmee punt-b tegensprekend)
Bovengenoemd 'punt-b' rijmt niet met 'punt-a', en is dubieus.


Wordt vervolgd ......... Deel 4 : 'Nederlands beleid ná manipulatie door de Multikul-Cult.'
Daarin o.a. de connectie Molleman - Penninx - Donselaar - Eissens(MDI)


http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg
Deel 4 - Nederlands beleid ná manipulatie door de Multikul-Cult. http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg

1980
In maart 1980 kwam de regering met een reactie op het rapport van 'De Raad', waarin ze vele conclusies en aanbevelingen van de WRR overnam. Zij erkende de blijvende aanwezigheid van migranten en de noodzaak van het voeren van een samenhangend beleid voor minderheden.

Dit was het officiële begin van het minderhedenbeleid, gecoördineerd door de Minister van Binnenlandse Zaken.
De regering noemde haar reactie voorlopig , omdat ze meer tijd voor bezinning wilde nemen.

Ondertussen kwam het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen in 1980 met het Concept beleidsplan culturele minderheden in het onderwijs. Na een in spraakronde verscheen in 1981 het definitieve Beleidsplan culturele minderheden in het onderwijs. De hoofddoelstellingen waren het bevorderen van gelijke kansen voor leerlingen uit allochtone minderheidsgroepen en het stimuleren van wederzijdse acceptatie en respect onder allochtonen en autochtonen.

De eerste doelstelling diende vooral gerealiseerd te worden door extra faciliteiten voor onderricht in de Nederlandse taal. Het tweede doel moest gestimuleerd worden via Intercultureel Onderwijs (ICO) , dat leerlingen diende voor te bereiden op participatie in een multiculturele samenleving.
Daarnaast diende het ''ideaal'' van de multiculturele samenleving te worden bevorderd middels Onderwijs in Eigen Taal en Cultuur (OETC).

Deze onderwijsvorm was al beginjaren zeventig opgezet met als doel remigratie naar het land van herkomst te vergemakkelijken , maar nu werden de doelstellingen hiervan geherformuleerd zodat ze pasten in het beleid gericht op "integratie met behoud van de eigen identiteit".

Wederom was er betrefende dit alles geen sprake van een volksraadpleging in onze 'democratie' , de meningen van de oorspronkelijke bevolking werd volkomen genegeerd door zogenaamde 'volksvertegenwoordigers'.

1981
In 1981 kwam het ministerie van Binnenlandse Zaken met de Ontwerp-minderhedennota. Het betrof een ontwerp-nota , omdat de regering de betrokkenen - dwz, de doelgroepen van het algemene minderhedenbeleid , NIET de oorspronkelijke bevolking - de mogelijkheid tot inspraak wilde bieden.

De hoofddoelstelling van het gecoördineerde minderhedenbeleid werd omschreven als het bevorderen van "de totstandkoming van een samenleving , waarin de in Nederland verblijvende leden van minderheidsgroepen ieder afzonderlijk en als groep een gelijkwaardige plaats en volwaardige ontplooiingskansen hebben" (p.35). (de zogenaamde "multiculturele samenleving")

Deze hoofddoelstelling werd uitgewerkt in drie hoofdelementen:
(1) bevordering van emancipatie en participatie,
(2) vermindering van sociale en economische achterstanden en
(3) het voorkomen en bestrijden van discriminatie en het - waar nodig - verbeteren van de rechtspositie.
De doel-groepen van het algemene minderhedenbeleid werden opgesomd: Surinamers, Antillianen, Molukkers, buitenlandse werknemers, vluchtelingen, zigeuners en woonwagenbewoners.


Multikul Tijdlijn vanaf 1983
1983 - Grondwet wijziging [ondemocratisch]
1986 - De "Positieve Discriminatie" Doctrine
1993 - Meer "positieve" Discrimiminatie
1996 - De "Sociale Vernieuwing" Doctrine 1983
Na enkele jaren van inspraak en overleg kwam de regering in september 1983 met de definitieve Minderhedennota. De doelstellingen van het minderhedenbeleid uit de Ontwerp-minderhedennota werden gehandhaafd, evenals de aldaar omschreven doelgroepen. Wel werden enkele aandachtspunten toegevoegd, zoals het beleidgericht op achterstandsgebieden en specifiek beleid voor vrouwen en jongeren onder allochtone minderheden.
De doelstelling van het toegankelijk maken van algemene voorzieningen voor minderheden werd gekoppeld aan het evenredigheidsprincipe. In de tussentijd was door de verergering van de economische recessie de werkloosheid, ook onder minderheden , verder toegenomen. Wellicht werd hierdoor nog meer het accent gelegd op achterstandsbestrijding.

1983 , Grondwetswijziging
Artikel 1 van de grondwet is voortgekomen uit activiteiten van de Multikul-Cult:
Initiatief nemers van dit artikel komen uit de voormalige CPN (Communistische Partij Nederland) die later opgegaan is met andere extreem 'linkse' partijen in GroenLinks.

Grondwetswijziging - Toen & Nu

CPN Hoofdrolspelers in het initiatief van artikel 1 van de grondwet waren Markus Bakker, en Jaap/Joop Wolff.

In het IMES instituut (Institute for Migration and Ethnic Studies. Universiteit Amsterdam) waarvan R. Penninx anno nu directeur is, is een zekere Rick Wolff actief.
Of deze persoon verwant is aan J. Wolff van artikel 1 van de grondwet is nog niet vastgesteld , wel behoren beide zeker tot de Multikul-Cult (zie definitie : # AD.1 | Activiteit Definitie 1 #)]

Via het IMES instituut van R. Penninx publiseerde (m.m.v. R. Wolff) ook een andere Multikul-Cultist, namelijk J. van Donselaar.
Andere publicaties van J. van Donselaar zijn weer terug te vinden bij weer een andere instelling van de Multikul-Cult, het MDI van Ronald Eissens. J. Wolff (van artikel 1) zat ooit in de "commissie van aanbeveling" van het MDI. http://sif.matriots.com/tiuk/spc.gif

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/r-wolff.jpg
Rick Wolff (IMES)

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/r-eissens.jpg
Ronald Eissens (oa MDI)

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/jvandonselaar.jpg
J. van Donselaar

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/j-rath.jpg
Jan Rath (oa IMES)

De 'Tijdelijke Wetenschappelijke Commissie Minderhedenbeleid' (TWCM) , die in het verleden evenals 'De Raad' (WRR) Multikul-Cult gedachtengoed injecteerde in het politieke beleid is vervolgens weer te koppelen aan een andere Multikul-Cultist genaamd Jan Rath. Deze persoon schreef een studie voor de het TWCM (1996). J.Rath is ook nog eens staff-lid bij het IMES instituut van R. Penninx.


1984
Sinds de behandeling van de Minderhedennota in de Tweede Kamer, in 1984, rapporteert de regering jaarlijks aan de Kamer over de ontwikkeling van het minderhedenbeleid. Allerlei beleidsvoornemens uit de nota zijn ten uitvoer gebracht. De rechtspositie van allochtonen werd verder verstevigd. Zo werd een inventarisatie uitgevoerd naar bepalingen in wet- en regelgeving die onderscheid maken naar nationaliteit, land van geboorte, godsdienst, cultuur en taal (Beune & Hessels 1983), waarvan vele in de loop van de jaren daarna zijn opgeheven.

1985
Oprichting 'Landelijk Bureau Racismebestrijding'.
(eerder genoemde Molleman (die van de 'voorzet' in 1978) , is ook direct te relateren met dit buro.........)

1986 [/ 1983 : Grondwetwijziging]
De grondwet is gewijzigd met het doel niet-Nederlandse ingezetenen die hier langer dan vijf jaar verblijven kiesrecht bij de gemeenteraadsverkiezingen te kunnen verlenen. Tijdens de verkiezingen van 1986 kon deze categorie voor het eerst van dit recht gebruikmaken. Er werden maatregelen genomen met het oog op een doeltreffender discriminatiebestrijding.
De overheid subsidieert met het oog hierop het in 1985 opgerichte Landelijk Bureau Racismebestrijding. De inspraak op landelijk niveau heeft in 1986 vorm gekregen door de instelling van de Landelijke Advies- en Overlegstructuur minderhedenbeleid (LAO). Inspraak op lokaal niveau werd eveneens gestimuleerd.

Categoriale welzijnsinstellingen zijn als 'tweedelijns steunfuncties'gaan functioneren. Dit werd geregeld in de Rijksregeling welzijn minderheden van het ministerie van WVC. Vanuit de groepen zelf kreeg de institutionalisering van religies als de islam en het hindoeïsme vorm (TWCM 1995).

1986 - De Positieve Discriminatie Doctrine
Ook werd er in 1986 door de 'Adviescommissie Onderzoek Minderheden' ; "positieve-actiemaatregelen voor allochtone minderheden aanbevolen" (zie ook; Bovenkerk 1986). De SER (Sociaal-Economische Raad) werd door de regering om advies gevraagd , maar deze wees in 1987 een verplichtend programma van 'positieve' actie (lees : discriminatie van de oorspronkelijke bevolking) af.
Stromingen binnen de overheid negeerde dat en probeert , als werkgever , sinds 1986 zelf het ''goede'' voorbeeld te geven door de instroom van leden van minderheden in overheidsdienst planmatig te bevorderen. (Wederom zonder volksraadpleging)

1987
In 1987 vroeg het kabinet opnieuw advies aan de WRR over het te voeren minderhedenbeleid. In deze adviesaanvrage constateerde de regering dat vier jaar na de Minderhedennota behoorlijke vooruitgang was geboekt op immateriële punten, maar De Tijdelijke Wetenschappelijke Commissie Minderhedenbeleid was eind 1992 ingesteld door de Minister van Binnenlandse zaken, en functioneerde tot en met 1996. Ze had als taak te adviseren over het integratiebeleid, met name voor de middellange termijn (zie Ginjaar-Maas 1996) dat op de meest belangrijke terreinen van 'wonen, weten en werken' te weinig vorderingen waren gemaakt. De regering vroeg om aanbevelingen voor het ontwikkelen van meer doelmatige instrumenten om op de genoemde terreinen tot betere resultaten te komen (zie WRR 1989: 207).

*** KEERPUNT 2 *** MET ALS OORZAAK, wederom "De Raad" ***
De 'Raad' probeert de regering te beinvloeden om van de oorspronkelijke "Nederland geen immigratieland" gedachte naar de "Nederland immigratieland" van de Multikul-Cult doctrine te gaan. 1989 Juni
In juni 1989 verscheen het rapport, getiteld 'Allochtonenbeleid'.
De WRR ('De Raad') raadde de regering aan het beleid vanuit een nieuwe invalshoek te bezien , namelijk door te erkennen dat Nederland defacto een immigratieland was geworden.
Het beleid diende erop gericht te zijn de gevolgen van de immigratie in een "positieve" richting te sturen.
Daartoe behoorde het accent gelegd te worden op een goed opvangbeleid voor nieuwe immigranten en een forse intensivering van het bestaande integratiebeleid in de sectoren van arbeid, onderwijs en volwassenen educatie.
Tevens werd gepleit om het beleid een meer verplichtend karakter te geven naar alle betrokkenen.
Dit alles is slechts een voortvloeisel uit de 'gebeurtenis' van 1979 , waarbij ook 'De Raad' betrokken was.........

1990 Maart
In maart 1990 kwam de regering met haar reactie op het WRR-rapport. Dit gebeurde in samenhang met de nota Sociale vernieuwing, die eveneens van belang was voor het minderhedenbeleid van begin jaren negentig. De regering stelt dat zij kon instemmen met de hoofdlijnen van het rapport, maar de radicaal andere aanpak van de WRR werd slechts in afgezwakte vorm overgenomen. Hierdoor weken de voorstellen van de regering in feite weinig af van het op dat moment gevoerde beleid. Het hield niettemin een formele bevestiging in van de tendens richting een versmalling van het minderhedenbeleid tot een achterstandsbeleid. Wel kreeg de opvang van nieuwkomers een impuls , evenals de ontwikkeling van een specifiekaanbod voor immigranten binnen de volwasseneneducatie.

1991 September
In september 1991 kwam een (media)"publieke" en politieke discussie over het minderhedenbeleid op gang , naar aanleiding van uitspraken van VVD-fractievoorzitter Bolkestein over dit onderwerp. Op zijn artikel in de Volkskrant, getiteld "Integratie van minderheden moet met lef worden aangepakt" volgde niet alleen een uitgebreide discussie in de media. De Minister van Binnenlandse Zaken liet een nationaalminderhedendebat organiseren. In dit kader werden in 1992 drie werkconferentiesgehouden , die als onderwerp hadden de toekomstkansen van allochtone jongeren op de terreinen van werkgelegenheid, onderwijs/scholing en veiligheid (zie ook; BiZa 1992). Er volgden in de media allerlei discussie over aanverwante onderwerpen , zoals over de wenselijkheid van islamitische scholen , segregatie in het onderwijs en criminaliteit onder allochtone jongeren.

Doordat nog steeds de oorspronkelijke bevolking volkomen genegeerd werd in eerdere koerswijzigingen die vooral henzelf aangingen werd de stemming onder de bevolking over ethnische minderheden (die steeds vaker in het straatbeeld opdoken) steeds sterker bepaald door zorgen over het toenemend aantal asielzoekers en de aanwezigheid van vermeende grote aantallen illegalen (kort daarop 'witte illegalen' genoemd door politieke zijtakken van de de Multikul-Cult).

Later volgde een illegalendebat naar aanleiding van de Bijlmerramp in oktober 1992 (zie Suurmond 1995).
Noot : In de Bijlmerramp is het percentage slachtoffers veel hoger dan het officiele cijfer. Reden hiervan is dat er aantallen illegalen zijn omgekomen die niet in de cijfers opgenomen zijn.

Ondertussen ging het beleidsproces voort. (Nog steeds het beleid gebasseerd op geinjecteerd gedachtengoed afkomstig van de Multikul-Cult)
In juni 1991 koos het kabinet-Lubbers voor de mogelijkheid dat allochtonen bij naturalisatie hun oorspronkelijke nationaliteit behouden. Vooruitlopend op de wijziging van de Rijkswet op het Nederlanderschap werd in de praktijk deze mogelijkheid van een dubbele nationaliteit al aan niet-Nederlandse ingezetenen geboden. Het CDA was hierover echter verdeeld en in november 1996 stemde de CDA-fractie in de Eerste Kamer tegen de dubbele-nationaliteitswet, zodat alsnog een meerderheid ontstond die deze mogelijkheid afwees.

1992 Oktober
In oktober 1992 kwam de commissie-Van Kemenade met het "advies in de tuin: naar een nieuwe opzet van het onderwijsbeleid voor allochtone leerlingen". Deze commissie stond net als de WRR in 1989 een ontkoppeling van achterstands- en cultuurbeleid voor. Hierdoor zou het OETC een eigen waarde krijgen , los van achterstandsdoelstellingen. Ze stelde voor deze vorm van onderwijs om te dopen in "onderwijs in allochtone levende talen" (OALT). Het accent was in de loop van de jaren al meer op het taalonderwijs komen te liggen.
In 1995 werd deze nieuwe term OALT overgenomen door de regering.

1993 Meer 'positieve' Discrimiminatie (Lees : Discriminatie van de oorspronkelijke bevolking)
Eerder al kwamen de werkgevers- en werknemersorganisaties in november 1990 met een Stichtingsakkoord 'Meer werk voor minderheden' , maar het leverde nauwelijks meer werk voor deze groepen op.
Mede daarom werd in de zomer van 1993 door GroenLinks , D66 en VVD een initiatief-voorstel "Wet Bevordering Evenredige Arbeidsdeelname Allochtonen" (WBEAA) ingediend; ze werd aangenomen met de steun van de regeringspartij PvdA , terwijl regeringspartner CDA tegen stemde.

1994 Juli
In juli 1994 trad de wet in werking. In 1993 werd in een breed ondersteunde motie-Apostolou door de TweedeKamer gevraagd om een nota betreffende een herijking van het minderhedenbeleid. In april 1994 bood de minister van Binnenlandse Zaken de 'Contourennota integratiebeleid etnische minderheden' aan de Tweede Kamer aan, waarin de hoofdlijnen voor het beleid voor de komende jaren werden aangegeven.
Het minderhedenbeleid werd omgedoopt tot "integratiebeleid". Enkele maanden later , mei 1994, werd als een soort vervolg op het nationale minderhedendebat door Van der Zwan en Entzinger een advies aan de minister aangeboden , getiteld 'Beleidsopvolging minder-hedendebat'. Het rapport bevatte adviezen voor een inburgeringsbeleid voor nieuwkomers. Er volgde een publieke discussie hierover in de (linkse)media - geen democratische volksraadpleging - , en de ontwikkeling van het nieuwkomersbeleid kreeg een nieuwe impuls. Dit beleidsonderdeel werd in de loop van de jaren negentig tot een van de centrale aandachtspunten binnen het integratie-beleid.

1996
In 1996 werd een voorstel voor een Wet op de inburgering aan de TweedeKamer voorgelegd. Het accent kwam daarnaast steeds meer te liggen op de grote-stedenproblematiek , mede in het kader van het beleid van 'sociale vernieuwing'.

"Sociale Vernieuwing"
Vandaag de dag is in de grote steden het resultaat te zien van de 'Sociale Vernieuwing' voorkomend uit de activiteiten van de Multikul-Cult in 1979.

'Spreiding Multikul-Gedachtengoed in politieke partijen'
Oude verkiezingsprogramma's van diverse politieke partijen als VVD, D66, PvdA, GroenLinks [Fusie van CPN, PSP, PPR, EVP] tonen helder aan hoe de 'vermeende volksvertegenwoordiging' het geinjecteerde anti-zelf 'script' volgt die door de multikul-cult was geinjecteerd via 'De Raad' in 1979.


http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg
Tijdlijn http://sif.matriots.com/tiuk/menusplit2b.jpg

Een overzichtelijk overzicht. [toevoeging 5 november 2003]

http://sif.matriots.com/mkul_fotos_personen/penninx-v1.jpg
Nationale Multikul-Cult Tijdlijn | Nederland

1978 - Motie Molleman (PvdA) - advies aanvraag aan de WRR "raad" (Penninx)
1979 # WRR "Advies" - Penninx (IMES)
1980 - "advies" : het "ideaal" van "De Multiculturele Samenleving" diende te worden bevorderd [gecreeerd worden]
1983 - Grondwet wijziging [op ondemocratisch wijze]
1986 - De "Positieve Discriminatie" Doctrine [plus bijbehorende wetswijzigingen]
1989 # WRR "Advies" aan regering : maak van Nederland een immigratieland
1993 - Meer "Positieve" Discrimiminatie [plus bijbehorende wetswijzigingen]
1996 - De "Sociale Vernieuwing" Doctrine

Bron http://sif.matriots.com/s_od/de-multikul-cult/dmc_21-10-2002.html

admin
30 maart 2007, 06:33
Buitengewoon intressant artikel Rini proost nlvlag