Johnnie
19 mei 2007, 08:25
Lux et Libertas heeft in een eerder artikel al eens aandacht besteed aan een leugenachtige ZEMBLA-reportage over Ayaan Hirsi Ali, die op 11 mei 2006 door de VARA werd uitgezonden. Zo "onthulde" ZEMBLA in die reportage dat zij niet Hirsi Ali, maar Hirsi Magan heette. Die "onthulling" was echter geen onthulling. Hirsi Ali had haar echte naam namelijk in 2002 zelf bekend gemaakt, bijvoorbeeld in haar boek De Zoontjesfabriek en in de talkshow Barend & Van Dorp. De makers van de ZEMBLA-reportage hadden hun "onthulling" in datzelfde jaar zelfs hun eigen omroepgids (VARA TV Magazine) kunnen lezen, in het artikel Mediafenomeen met missie van Emma Brunt.
In de ZEMBLA-reportage werden overigens ook moedwillig leugens verkocht, zoals de ridicule bewering dat in Somalië geen "eerwraak" voorkomt. Sinan Can en Jos van Dongen — de makers van de reportages — wilden echter een Rufmord plegen, dus was volgens hen alles geoorloofd om dat doel te bereiken. Ook ZEMBLA-hoofdredacteur Kees Driehuis greep niet in.
Dat de ZEMBLA-reportage De Heilige Ayaan een typisch voorbeeld van een poging tot Rufmord was, blijkt ook uit recente gebeurtenissen. Kees Driehuis dreigt de Sara Berkeljon en Hans Wansink (beide journalisten van de Volkskrant) met een kort geding, waarin Driehuis eist dat hun boek De orkaan Ayaan uit de handel wordt genomen. In hun boek hebben zij namelijk enkele citaten opgenomen uit een gesprek met Driehuis en zijn ZEMBLA-collega Van Dongen met derden. Driehuis ontkent die citaten, maar Wansink en Berkeljon beschikken over vier getuigenverklaringen waaruit volgens hen blijkt dat die citaten kloppen. Sylvain Ephimenco schrijft vandaag in zijn column daarover onder meer:
De Raad van Journalistiek heeft onlangs geoordeeld dat de schrijvers de fout ingingen door geen wederhoor bij Driehuis te hebben toegepast. Formeel is dat juist, maar Wansink en Berkeljon beschikken over vier getuigenverklaringen waaruit volgens hen blijkt dat die citaten kloppen. Dat deze formele kwestie zo hoog oploopt heeft te maken met de aard van de zaak: de gemanipuleerde uitzending van Zembla over de vroege leugens van Ayaan Hirsi Ali omtrent haar identiteit. Door niet in de uitzending te melden dat de als nieuw gepresenteerde feiten allang bekend waren, hebben Zembla en Driehuis een journalistieke doodzonde gepleegd. De reputatie van de man heeft hierdoor een fatale klap gekregen. Maar nu de citaten. Vóór de Zembla-uitzending worden de assistente van Hirsi Ali en de VVD-woordvoerder in mei vorig jaar om een reactie gevraagd. Na afloop van de viewing blijven die twee laconiek en ontsteekt Driehuis in woede: „Dit kan toch niet! Ze heeft gelogen! Dit zal politieke consequenties hebben! En die Neelie (Kroes, s.e.), die heeft banden met de maffia. Wist zij dit? Wist zij dit?” Driehuis ontkent vooral de passage over Kroes. Zijn recht. Maar mijn recht is ook om de ontkenning van Driehuis als niet geloofwaardig te bestempelen. Omdat lang voordat het boek verscheen en Driehuis zich als amateur-censor manifesteerde, ik de assistente van Hirsi Ali persoonlijk heb gesproken. Ze vertelde mij in precies dezelfde woorden de stampijscčne met de schreeuwende Driehuis. Ze was vooral geschrokken van de woede en emotie van Driehuis en de onelegante manier waarop ze bejegend was. Je kunt je nu afvragen waarom Driehuis de zaak zo hoog opneemt en wegens een paar miserabele zinnen een boek dreigt te laten verbieden. Omdat zijn emotionele partijdigheid niet strookt met het beeld van gedegen onderzoeksjournalistiek dat Zembla van zichzelf wil geven. Het werpt ook een extra licht op het manipulatieve vermogen van Driehuis en de zijnen in die omstreden Zembla-uitzending. Het ging hem er boven alles om de kop van zijn onderwerp in een mandje te laten rollen. Op zo’n moment vervagen de contouren van zijn beroepsethiek en wordt de arrogante journalist die tegen een jonge vrouw schreeuwt een ordinaire activist met politieke bijbedoelingen.
http://www.luxetlibertas.com/artikel19052007a.html
In de ZEMBLA-reportage werden overigens ook moedwillig leugens verkocht, zoals de ridicule bewering dat in Somalië geen "eerwraak" voorkomt. Sinan Can en Jos van Dongen — de makers van de reportages — wilden echter een Rufmord plegen, dus was volgens hen alles geoorloofd om dat doel te bereiken. Ook ZEMBLA-hoofdredacteur Kees Driehuis greep niet in.
Dat de ZEMBLA-reportage De Heilige Ayaan een typisch voorbeeld van een poging tot Rufmord was, blijkt ook uit recente gebeurtenissen. Kees Driehuis dreigt de Sara Berkeljon en Hans Wansink (beide journalisten van de Volkskrant) met een kort geding, waarin Driehuis eist dat hun boek De orkaan Ayaan uit de handel wordt genomen. In hun boek hebben zij namelijk enkele citaten opgenomen uit een gesprek met Driehuis en zijn ZEMBLA-collega Van Dongen met derden. Driehuis ontkent die citaten, maar Wansink en Berkeljon beschikken over vier getuigenverklaringen waaruit volgens hen blijkt dat die citaten kloppen. Sylvain Ephimenco schrijft vandaag in zijn column daarover onder meer:
De Raad van Journalistiek heeft onlangs geoordeeld dat de schrijvers de fout ingingen door geen wederhoor bij Driehuis te hebben toegepast. Formeel is dat juist, maar Wansink en Berkeljon beschikken over vier getuigenverklaringen waaruit volgens hen blijkt dat die citaten kloppen. Dat deze formele kwestie zo hoog oploopt heeft te maken met de aard van de zaak: de gemanipuleerde uitzending van Zembla over de vroege leugens van Ayaan Hirsi Ali omtrent haar identiteit. Door niet in de uitzending te melden dat de als nieuw gepresenteerde feiten allang bekend waren, hebben Zembla en Driehuis een journalistieke doodzonde gepleegd. De reputatie van de man heeft hierdoor een fatale klap gekregen. Maar nu de citaten. Vóór de Zembla-uitzending worden de assistente van Hirsi Ali en de VVD-woordvoerder in mei vorig jaar om een reactie gevraagd. Na afloop van de viewing blijven die twee laconiek en ontsteekt Driehuis in woede: „Dit kan toch niet! Ze heeft gelogen! Dit zal politieke consequenties hebben! En die Neelie (Kroes, s.e.), die heeft banden met de maffia. Wist zij dit? Wist zij dit?” Driehuis ontkent vooral de passage over Kroes. Zijn recht. Maar mijn recht is ook om de ontkenning van Driehuis als niet geloofwaardig te bestempelen. Omdat lang voordat het boek verscheen en Driehuis zich als amateur-censor manifesteerde, ik de assistente van Hirsi Ali persoonlijk heb gesproken. Ze vertelde mij in precies dezelfde woorden de stampijscčne met de schreeuwende Driehuis. Ze was vooral geschrokken van de woede en emotie van Driehuis en de onelegante manier waarop ze bejegend was. Je kunt je nu afvragen waarom Driehuis de zaak zo hoog opneemt en wegens een paar miserabele zinnen een boek dreigt te laten verbieden. Omdat zijn emotionele partijdigheid niet strookt met het beeld van gedegen onderzoeksjournalistiek dat Zembla van zichzelf wil geven. Het werpt ook een extra licht op het manipulatieve vermogen van Driehuis en de zijnen in die omstreden Zembla-uitzending. Het ging hem er boven alles om de kop van zijn onderwerp in een mandje te laten rollen. Op zo’n moment vervagen de contouren van zijn beroepsethiek en wordt de arrogante journalist die tegen een jonge vrouw schreeuwt een ordinaire activist met politieke bijbedoelingen.
http://www.luxetlibertas.com/artikel19052007a.html