PDA

Vollständige Version anzeigen : Turkije: geen vol ei maar lege dop


admin
4 maart 2007, 14:04
http://img254.imageshack.us/img254/4945/turkije2ant9.gif(InternationaleSpectator.nl) Thomas von der Dunk - De uitkomst is door de sceptici voorspeld, maar de voorstanders hebben alle waarschuwingen in de wind geslagen. Een afgedwongen fusie geeft alleen maar ruzie. Juist door met alle geweld naar toetreding van Turkije tot de Europese Unie te streven, zijn de betrekkingen tot een dieptepunt gedaald, en willen de Europese en Turkse bevolkingen steeds minder van elkaar weten.
Brussel heeft zich laten gijzelen door oude halfslachtige en lafhartige beloften, in een andere politieke context voor een ander soort Europa gedaan. Het heeft zich laten gijzelen door de eigen voorwaarde van het ‘alles of niets’, en dus zette Ankara in op het ‘alles’ - met een fundamentalistische hel en verdoemenis als alternatief dreigend, indien het niet zou worden toegelaten. Tussenoplossingen, die bij een tussenland halverwege Europa en Arabië het meest voor de hand hadden gelegen, werden resoluut afgewezen, omdat Europa ze nooit had durven opperen. En wie eenmaal bij herhaling het volle ei toegezegd heeft gekregen, zal niet met een half ei genoegen nemen, zolang en omdat hij weet dat een groot deel van de gevers niets zozeer vreest als een lege dop.
Dat volle ei vloeide aan Europese zijde voor sommige landen voort uit principe, voor andere uit naïviteit en lafheid, voor een enkeling uit doortraptheid. Londen immers wil een zo groot mogelijke Europese Unie, opdat deze zo min mogelijk voorstelt. Alleen zo valt de eigen Britse transatlantische spagaat vol te houden, onder het motto: hoe meer zielen, hoe minder vreugd.
Tot die naïevelingen behoorde in het bijzonder de Nederlandse regering, die twee jaar geleden in alle openlijkheid het succes van haar Europese voorzitterschap ophing aan het beginnen van toetredingsonderhandelingen. Kassa dus voor Ankara, dat zich keihard opstelde en bewerkstelligde dat de Europese regeringsleiders uit angst voor een voortijdige breuk prompt door de knieën gingen. Bevend stond het gezelschap in Brussel te wachten of de Turkse minister Gül nog de goedheid had om te komen. Het meest verbijsterende was nog dat minister Bot door die Turkse onbuigzaamheid verbijsterd was, terwijl hij als oud-diplomaat beter had moeten weten: wie zijn kaarten zo openlijk toont, raakt al zijn troeven kwijt.
De achtergrond bij de huidige botsing wordt gevormd door het wantrouwen van de Europeanen jegens hun eigen regeerders als het om de uitbreiding gaat, die mede ten grondslag lag aan het referendumfiasco. Houdt Brussel zich wel aan de eigen voorwaarden en regels, of schuift de EU die uiteindelijk opzij? Hoe manmoedig ging men aanvankelijk niet, toen Haiders FPÖ tot de regering toetrad, Oostenrijk met een boycot te lijf. Om die vervolgens een stille dood te laten sterven, toen Brussel daardoor zichzelf te veel in de vingers sneed. De verontwaardigde Weense reactie, dat de anderen alleen maar durfden omdat Oostenrijk zo klein was, werd toen door Joschka Fischer tegengesproken: als in Italië Fini aan de macht zou komen, zou Brussel precies eender reageren. Een korte poos later was het zover. Werd er nu een Ijzig Gordijn om Rome opgetrokken? Nee dus - en dat weet inmiddels iedereen. Geen sprake van dat Turkije, eenmaal binnen, echt tot iets gedwongen zou kunnen worden, want daarmee verlamt Brussel meteen ook zichzelf.
Een grote meerderheid van de bevolking is niet van een Turks lidmaatschap gediend, heeft zich van de wenselijkheid daarvan de afgelopen jaren niet door de Europese politici laten overtuigen, en zal zich daarvan ook de komende jaren vermoedelijk niet laten overtuigen. Weliswaar beloven die politici ter geruststelling dat vooraf zeer strikt aan de normen vastgehouden zal worden, maar dit stelt niemand gerust. Net immers zijn nog twee landen toegelaten die nog geenszins aan de normen voldoen, maar dat slechts beloven te zullen gaan doen: Roemenië en Bulgarije. Het argument om ze toe te laten: we hebben het beloofd (althans de door hen genoemde datum niet tegengesproken); ze doen zo hun best (als we nee zeggen, gaat het pas echt mis); en we zijn nu al zo ver (een nee zou daarom nu pas echt teleurstellend zijn), dus we kunnen niet meer terug. Kortom: het proces was met de uitkomst op de loop - met het risico op een reprise straks.
Tegelijk heeft wel onder veel Europese politici de opvatting postgevat: dit was eens, maar nooit meer. Mede om electorale redenen zien zij zich gedwongen nu tegenover Turkije veel scherper stelling te nemen - in elk land ligt wel een Wilders op de eigen kiezers op de loer. Ten slotte is in een aantal landen een referendum over de kwestie beloofd, en over de uitkomst daarvan hoeft voorlopig weinig twijfel te bestaan. Dat alles wakkert aan de andere kant van de Bosporus uiteraard ook het wantrouwen aan: willen zij ons nog wel, durven zij ons nog wel te willen, nu wij steeds weer aan nieuwe voorwaarden moeten voldoen?
Het hete hangijzer van vandaag is Cyprus, dat op zich zelf al het falen van de Europese basisstrategie illustreert: door het doen van beloften bevolkingen te dwingen. Het eiland is door Griekenland de Unie in gechanteerd met het dreigement dat Athene anders elke andere uitbreiding zou tegenhouden. Brussel kwam toen met de oplossing-Annan: een referendum moest eerst een VN-plan om aan de deling een einde te maken, fiatteren. De Turkse helft stemde voor, de Griekse helft tegen. Het resultaat: de Turkse helft werd gestraft en bleef buiten de EU, de Griekse helft werd dubbel beloond, want kwam er als enige in.
Sindsdien kan Brussel niet meer voor- of achteruit, want Nicosia houdt alles tegen, en daar moet Brussel zich uiteindelijk wel naar voegen, want het is natuurlijk ondenkbaar dat een land tot de EU toetreedt dat een andere lidstaat niet erkent. Op Noord-Ierse toestanden zit niemand te wachten, waar dominee Paisley ook jarenlang direct de kamer uitliep zodra Gerry Adams zijn neus om de hoek stak. En Ulster is heilig vergeleken met Cyprus, omdat Dublin en Londen in elk geval zoveel mogelijk samenwerken, en Athene en Ankara elkaar hier naar het leven staan.
Dat maakte de vage toezegging van Turkije om zijn havens voor Cyprus te openen, waarmee Brussel eind 2004 jubelend genoegen nam, noodzakelijkerwijs tot een lege huls, zoals nu blijkt - en leidde dus tot uitstel van executie. Het uur van de waarheid en de geloofwaardigheid is nu voor Brussel aangebroken. Houdt het eindelijk eens de rug recht? Het herstel van vertrouwen van de bevolking in de Unie zal sterk afhangen van de vraag of de EU zich aan haar eigen regels houdt, ook als de uitkomst politiek ongemakkelijk is. Of wordt de termijn weer opnieuw verlengd?
Is, kortom, Brussel bereid ook eindelijk de eigen illusies onder ogen te zien? Geen enkele Turkse regering kan zich namelijk veroorloven Cyprus op te geven, tegen de achtergrond van een diepgeworteld trauma over de wijze waarop voor en na 1914 het Ottomaanse Rijk met steun van de westerse mogendheden in het kader van hun verdeel-en-heerspolitiek is opgeknipt. Dezelfde koppige houding geldt voor de positie van het leger, voor de mensenrechten, de volledige godsdienstvrijheid, de Armeense genocidekwestie - om nog maar te zwijgen van de cultureel-religieuze verschillen.
Om wezenlijke vooruitgang te boeken is de vijf-tien jaar waarvan Brussel rept onvoldoende, en is zeker vijf/zg- jaar nodig - zo niet wezenlijk meer. Dit wetende had men er beter niet aan kunnen beginnen: een afgewezen prille liefde is veel minder pijnlijk dan een verbroken verloving. Die liefdespijn begint men nu ook in Brussel te bespeuren.

Bron: Internationale Spectator (http://www.internationalespectator.nl/) met dank aan Novopress

von slarotimov
4 maart 2007, 14:40
We hadden nooit aan Europa moeten beginnen, een economische eenheid was genoeg geweest en met de Euro zou ook nog te leven zijn, maar daar stopt het een Europees parlement hadden we niet nodig gehad, wat moeten wij met Europese wetgeving?
Er wordt alleen maar baantjes vergeven en met geld gesmeten.
Uiteindelijk heeft Hitler nog gewonnen en Napoleon ,Frankrijk en Duitsland maken de dienst uit en Engeland kijkt aan de zijlijn toe en profiteert alleen maar en lachen ons allemaal uit.
Engeland strijd tot de laatste buitenlander.